Waagmeesters Bedrijfs Advies
Stijlelement Home Email Stijlelement

Hoog salaris en verantwoordelijkheid? (12 april 2011)

Een hoog salaris staat óók voor een beschermde functie.

Zonder ingrijpen hebben we binnenkort een tweede schuldencrisis.

De discussies over hoge salarissen en bonussen zijn actueel en talrijk. Veelal betreft het bestuurders en beslissers binnen het private domein. Politici en beslissers binnen het publieke domein blijven grotendeels buiten schot. Rode draad bij beide lijkt te zijn dat hoe hoger het salaris met bonus is, hoe kleiner het risico van persoonlijke aansprakelijkheid.

Is dat niet vreemd in die gevallen waar dit speelt? Hoe verantwoord je dan het hoge salaris etc.? Vanuit de bedrijfseconomie geredeneerd kan dit alleen als er hoge risico's bestaan. En dat is dan de aanleiding voor persoonlijke aansprakelijkheid die een persoonlijk risico vormt. Het hoge salaris compenseert dan die aansprakelijkheidsrisico's. Uit het hoge salaris is dan de hoge premie voor de kostbare aansprakelijkheidsverzekering te voldoen als de werkgever die niet betaalt.

Maar waarom zijn de bestuurders en beslissers, bij wie achteraf blijkt dat het fout is gegaan, inmiddels niet persoonlijk aansprakelijk gesteld? Dan klopt de redenering kennelijk niet dat hoge risico's de hoge salarissen etc. rechtvaardigen en verklaren. Een paar voorbeelden om een grove schets te maken.

In het publieke domein van de gemeenten bijvoorbeeld is het kasstelsel gebruikelijk. De inkomsten en uitgaven zijn keurig zichtbaar gemaakt. Bij deze boekhoudmethode is het 'onmogelijk' om verlies te lijden, hoge uitzonderingen zoals incidenten daargelaten. Maar verliezen veroorzaakt door de bestuurlijke blunders zijn daarin niet zichtbaar. Doordat de gemeenteraad de jaarrekening goedkeurt, en décharge verleent voor het door het college van B&W gevoerde beleid, is formeel alles in orde. En is er sprake van zuivere functiescheiding als de politieke vrienden in de gemeenteraad óók het coalitiebeleid controleren en goedkeuren? Hoewel de effecten van de blunders bij de meeste inwoners bekend zijn, treft de bestuurder en ambtenaar geen enkele blaam. Bij de provincies en de rijksoverheid werkt het ook zo.

Bij de rijksoverheid beperken we ons tot de schuldencrisis. We gaan hier voorbij aan de gevolgen van de buitensporige stijgingen van zorgpremies, de beleidsinbreng rond de CO2- emissiehandel in de EU, de goedkeuring van de 'Europese Grondwet', het tragische verloop bij bijvoorbeeld grote infrastructurele projecten, de medewerking aan uitbreiding van de EU met onvolwassen economieën, deelname aan oorlogen en het medeauteurschap van banken, advocaten en medici bij de totstandkoming van wetgeving die het eigenbelang van laatstgenoemden niet in de weg staat.

Zonder enige inhoudelijke oplossing aan te dragen voor de echte oorzaken van de schuldencrisis, hevelt onze rijksoverheid 250 miljard over van de banken naar de belastingbetaler. Garanties en leningen heffen de oorzaak niet op, maar vergroten het probleem, schuiven de problematiek naar voren en verplaatsen het risico naar de belastingbetalers, die machteloos toekijken terwijl ze de rekening ervan later gepresenteerd krijgen.

Diezelfde bewindspersonen opereren ook zo op het Europese niveau. Zij, tezamen met hun EU-ambtsgenoten, hevelen alle landelijke bancaire risico's over naar een EU-risicofonds dat door alle EU-belastingbetalers wordt gevuld als het later misgaat. Dus ook elders in de EU blijven de oorzaken van de schuldencrisis gewoon bestaan. De zichtbare EU-schuldproblematiek is ruim duizend miljard euro groot, de onzichtbare is drie keer zo hoog als het tegenzit.

In het private domein beperken we ons tot voorbeelden uit de financiële wereld, met name de Nederlandse banken. Dat sluit immers goed aan op het dramatische verwerkingsproces van de gevolgen van schuldencrisis in ons publieke domein. In de periode na de internetcrisis van 2002 kon bij onze bestuurders en beslissers van banken alles. Ze buitelden over elkaar heen in groei en winst, daartoe in de gelegenheid gesteld door de verruimde wetgeving. Ook de toezichthouders en De Nederlandse Bank stonden erbij en keken ernaar. Totdat de terugbetaling van uitgeleende gelden haperde en onzeker werd, ook die afkomstig van verzekeringsmaatschappijen en garantie-instituten. Die oninbare schulden zijn in drie jaar tijd overgeheveld van de banken naar de (Europese) belastingbetalers. De Europese Centrale Bank verlaagt de rente bliksemsnel naar 1% voor diezelfde banken waardoor alle spaarders, bezitters van creditgelden en onze pensioen- en verzekeringsmaatschappijen voor de winstexplosie bij diezelfde banken zorgen. En omdat diezelfde banken tegen 1% rente kunnen lenen, en dit geleende geld belegden in hoogrentende staatsobligaties van achteraf dubieuze EU-landen, staat er achterin de bankboeken nog een zeer risicovolle debiteurenportefeuille. Afgezien van de schade uit gefailleerde en opgeheven banken, staan de overgebleven banken er gewoon slecht voor. Dat blijkt alleen niet uit hun jaarrekeningen omdat de boekhoudregels voldoende ruimte overlaten voor creatief handwerk. Maar de bestuurders en beslissers van toen en nu in de bankwereld, en haar toezichthouders, zijn niet aansprakelijk gesteld voor de veroorzaakte collectieve schade. Niet in Nederland, niet in de EU en ook niet in de VS.

Alle sleutelfiguren in deze publieke en private processen voldoen wel aan de criteria om in aanmerking te komen voor het hoge salaris etc.. De bestuurders en beslissers binnen de belangenverenigingen en toezichthouders ook. In veel gevallen zijn die beleidsmakers nog extra beschermd door wetgeving en kunstmatige en wettelijke monopolies. Tot nu toe is er niet één van hen daadwerkelijk persoonlijk aangesproken op de desastreuze gevolgen van het gevoerde beleid. Kennelijk is er bij deze sleutelfiguren voldoende collectieve samenwerking om dit aanspreken te voorkomen en ontbreekt het aan collectieve samenwerking om dit aanspreken te realiseren.

Er staat geen gretige sluwe advocaat op om dit verschijnsel aan te pakken. Dat zegt al iets in deze tijd. Komt dit omdat de meeste sleutelfiguren tevens jurist zijn? Wat is de objectieve rol van het Openbaar Ministerie in dezen? Het gevolg van het niet aansprakelijk stellen is dat er geen sanctie komt op dit wanbeleid, geen schadevergoeding komt aan benadeelden en dat de verkeerde mensen toetreden tot deze functies. Iemand die weet dat hij privé daadwerkelijk wordt aangesproken is zorgvuldiger en voorzichtiger bij risicovolle besluitvorming. Ook beslissers in de naaste omgeving zijn zich dan van de risico's bewust. En wat is de versluierende rol van een beroepsgeheim hierbij? De zwijgplicht en het verschoningsrecht voor de rechter weegt kennelijk zwaarder dan het algemeen belang? Mogen Nederlandse politici bij de overheveling van 250 miljard schuld van de banken naar de belastingbetaler wijzen op mogelijke rentewinst en de echte risico's niet duiden?

Met de wetenschap van vandaag is de daadwerkelijke aanpak van zowel de sleutelfiguren als de oorzaken van het probleem te rechtvaardigen vanuit het algemeen belang. Dat dit niet gebeurt wijst op structurele weeffouten in ons maatschappelijk bestel. Zitten hier wel de juiste mensen op de juiste stoel? Als deze geschiedenis zich herhaalt, wie kan dan de rekening nog betalen?

Jan Scholten werkt voor Waagmeesters Bedrijfs Advies B.V. gevestigd te Schoonhoven


bedrijfsadviseur.nl