< Vorige | Volgende > |
Rabo Nederland (9 juli 2010)
De directie van
Rabobank Nederland
Afdeling Toezicht Binnenlands Bedrijf
Postbus 17100
3500 HG UTRECHT
Aangetekend met bericht van ontvangst
Datum | Behandeld door: | Kenmerk: |
9 juli 2010 | J.G. Scholten | D.H.C. Alblasserwaard |
Geachte mevrouw, mijnheer,
Op persoonlijke titel, maar in onze hoedanigheid van bedrijfsadviseur, richten wij ons tot u met het volgende.
Bijgaand treft u een aantal brieven aan waarin wij een casus praktisch benaderen inclusief de juridische reacties namens de bank daarop. Hieruit blijkt dat de feiten en omstandigheden van de casus door de juristen volledig zijn 'gepasseerd en genegeerd' in de processtukken. Enkel het 'bestaan van borgstellingen' die geïncasseerd moeten worden staat centraal.
Het praktische gevolg van deze werkwijze van de bank is dat haar verwijtbare nalatigheid terzake de afwezigheid van opbrengst uit gestelde verpandingen c.q. het oplopen daardoor van de debetsaldi wordt afgewenteld op de borgen en de leden van de bank.
De inhoud van onze brieven vatten we als volgt samen.
Wij verwijten de bank 'verwijtbare nalatigheid' op onder meer het volgende:
- De verpanding debiteuren blijkt achteraf onrechtmatig en de opbrengst is niet bij de bank ontvangen.
- Bij de borgstellingen is sprake van doeloverschrijding c.q. ontbreekt de vereiste handtekening van de levenspartner waardoor de borgstellingen niet rechtmatig tot stand zijn gekomen. Beide partijen doen hierdoor een beroep op de vernietigbaarheid van deze akten.
- De bank heeft de uitwinning van verpandingen onnodig aan de curator afgestaan en laat de uitwinningkosten als gevolg daarvan oplopen ten koste van het debetsaldo van kredietnemer. De borgen hebben hier geen toestemming voor gegeven.
- De door eigen toedoen van de bank geleden schade in de vorm van ontbrekende opbrengsten uit zekerheden kan en mag vervolgens niet verhaald worden op de borgen c.q. de leden van de bank.
- Dat de bank al haar toerekenbare tekortkomingen verhaalt op de borgen c.q. leden van de bank is een onrechtmatige daad.
Bovendien verwijten wij de bank dat zij haar jurist, in de relatie van opdrachtgever en opdrachtnemer, willens en wetens heeft opgedragen aan de vijf voornoemde 'onregelmatigheden' voorbij te gaan in de dagvaarding terzake de incasso van de borgstellingen. De jurist wist of kon weten dat het niet aflossen (uit opbrengsten van zekerheden) van de schuldvordering en de onderhavige borgstellingakten de vordering in de uitgebrachte dagvaarding en processtukken niet rechtvaardigen.
De juristen hebben hun 'toneelstuk' geschreven en opgevoerd en kunnen niet meer terug.
De bank kan nog wel terug door te erkennen dat het praktisch geschutter van de locale bank het uitvoeren van het vonnis niet rechtvaardigt. Natuurlijk zullen de bank en haar jurist dit niet prettig vinden omdat het vonnis in zijn vorm suggereert dat zij 'juridisch' gelijk hebben. Dat is economisch gezien ook heel aantrekkelijk. Het vonnis neemt elke discussie weg en camoufleert daarmee primair het 'verwijtbaar' doen en nalaten van de bank. Maar de leden van de bank en de borgen betalen nu de geleden schade doordat de procedure is ingevuld zoals door de juristen gewenst werd, voorbijgaand aan de feitelijke gang van zaken daaraan voorafgaand. En dat is ontoelaatbaar.
Tot slot de sommatie van de bank en haar jurist aan ons om deze casus niet te publiceren wegens 'schade', wat dat in dezen ook moge zijn. Deze sommatie houdt impliciet in dat wij de werkwijze van bank en juristen niet mogen openbaren omdat zij daardoor schade zouden kunnen lijden. Waarvan akte!
Wij hebben geen enkel aandeel gehad in de werkwijze van bank en jurist, daar waren zij geheel vrij en zelfstandig in, ja zelfs autonoom. Achteraf hebben wij daar de kritiek op zoals hiervoor is verwoord. De kern van die kritiek is dat de juristen in de processtukken de ware toedracht en feiten hebben vervangen door 'hun papieren waarheid', dat wil zeggen, alleen datgene schrijven wat hen goed van pas komt en al het overige, dat hen niet goed van pas komt zoals de punten 1 t/m 5 voornoemd, weglaten.
De bank en haar jurist zijn verantwoordelijk en aansprakelijk voor het doen en laten van de jurist. In dit geval voor het verschil tussen wat in de processtukken staat en al hetgeen dat niet of niet juist daarin is vermeld. En de rechter baseert zich dus op enkel datgene wat door de juristen 'van waarde is verklaard'. De onder 1 tot en met 5 genoemde zaken staan nergens vermeld in de processtukken, hoewel de jurist van de bank ons graag anders doet geloven. En dat is ontoelaatbaar.
Wij achten het van maatschappelijk belang, en specifiek van belang voor de leden van de bank(en) en kredietnemers in vergelijkbare posities, dat zij zich alsnog bewust worden van de risico's en gevaren die zij lopen als de bank(en) rechtmatig handelen door te handelen zoals bovenstaand is bekritiseerd.
- Als de bank juist heeft gehandeld moet dat onmiddellijk worden gepubliceerd. Het is niet denkbaar dat bankrelaties de onder 1 tot en met 5 genoemde bankhandelingen vóóraf accepteren omdat dit rechtstreekse en onrechtmatige benadeling is van hen (en bevoordeling van de bank). Die bankrelaties begrijpen dat ook niet evenals de 'juridische logica' hen zal ontgaan. Ook niet als dit wel is toegestaan onder vigerende algemene voorwaarden etc.!
- Als de bank onjuist heeft gehandeld moet dat onmiddellijk worden gepubliceerd. De motivatie is gelijk aan die onder punt a. Het klantbelang en de zorgplicht vereisen dit rechtstreeks.
Wij wijzen deze sommatie met bovengenoemde motivatie van de hand. Dit mede onder verwijzing naar het eigenbelang van de (leden van de) bank en haar jurist om dit publiceren van eigen doen en laten (transparantie vóóraf dus) te verbieden. Het maatschappelijk klantbelang vraagt heden om de bekritiseerde werkwijze vóóraf te mogen kennen en de gevolgen ervan te voorzien zodat een transparante afweging en bankkeuze kan volgen.
Wij verzoeken u deze casus grondig (dat wil zeggen onafhankelijk, objectief en deskundig) te willen onderzoeken, met name op de door ons aangehaalde 'verwijtbare nalatigheid' genoemd onder de punten 1 tot en met 5. Uw bevindingen vernemen wij graag in een persoonlijk gesprek. Zolang de resultaten van uw onderzoek niet met ons zijn besproken zal het inmiddels verschenen vonnis niet tot acties leiden.
Wij houden ons alle (publicatie)rechten voor.
Tot nadere toelichting zijn wij steeds bereid.
Hoogachtend,
Waagmeesters Bedrijfs Advies
J.G. Scholten
Bijlagen: 5 stuks
Naschrift van 10 september 2010.
- Op 1 september jl. vond overleg plaats met de afdeling Toezicht en Compliance te Utrecht.
- b. Op 9 september jl. was de conclusie in een telefoongesprek de volgende.
- alle drie de brieven zijn besproken met beleidsmatige, juridische en faillissementsafdeling.
- volgens de algemene voorwaarden is de ondernemer / borg zelf verantwoordelijk voor de 'kwaliteit' van de aangeleverde pandlijsten.
- De discussie over de borg is een gekke vertoning: de borgen waren bereid borg te staan maar proberen nu achteraf op een formaliteit deze terug te draaien.
Wij hebben geen schriftelijke bevestiging van het standpunt gevraagd.
< Vorige | Volgende > |